Buwalda ziet Vestdijk als voorbeeld

Peter Buwalda is auteur van het alom geprezen romandebuut Bonita Avenue.
Het betreft hier een familiedrama, dat meteen genomineerd is voor de Libris Literatuur Prijs 2011. Het speelt zich af in Enschede als daar in 2000 de vuurwerkramp plaatsgrijpt. Kinderen komen in verzet tegen vader. Andere ingrediënten zijn zelfmoord, porno, moord en doodslag. Maar ‘van deze weinig verheffende ingrediënten heeft Peter Buwalda een zeldzaam levendige en lijvige debuutroman gebrouwen, die van stilistisch vuurwerk aan elkaar hangt’, zo lezen we in de nominatie van de Libris jury.

In de Volkskrant van 18 maart jl. wordt Buwalda geïnterviewd. Hij spreekt over zijn ‘grootspraak, nog voor ik begonnen was’. Deze grootspraak jutte hem op: ‘Wanneer je zo dom bent als ik om grote schrijvers als Jonathan Franzen, Truman Capote en Simon Vestdijk als voorbeelden te noemen, dan is er werk aan de winkel’. Kennelijk fungeren de genoemde voorbeelden als een norm. Ook Vestdijk? Buwalda: ‘Ja. Op zijn best was hij briljant. Vijf vadem diep, mijn geheimtip. Meer zeg ik niet’.
Over de huidige literatuur lijkt de nu 38 jarige auteur niet erg te spreken. Toen hij als redacteur bij een uitgeverij ging werken, ‘kwam ik aan een soort koekjesmachine te staan waar dagelijks romans uitrolden’. Soms ook wel goed geschreven, maar ‘ minstens zo vaak eierdozernpulp’. Al tijdens zijn studie Nederlands kreeg hij de indruk ‘dat na Bordewijk, Vestdijk en Hermans ‘de Nederlandse literatuur ophield’. Daarna is er ‘eigenlijk niets meer van dat niveau verschenen’. Deze ervaring maakte het waarschijnlijker zelf ook eens een poging te wagen’. Buwalda deed dat ‘Vesdijkiaans”: evenals zijn voorbeeld koos hij op latere leeftijd (35 jaar) voor de afzondering om een debuut te schrijven dat met een omvang van 534 pagina’s vergelijkbaar is aan het romandebuut van Vestdijks Kind tusschen vier vrouwen  met 557 pagina’s.
WvW, 18 maart 2011

Terug omhoog

Flip Hammann en Hans Dagelet herdenken Vestdijk op sterfdag

23 maart 2011 is het 40 jaar geleden dat de schrijver Simon Vestdijk overleed. Vestdijk, geboren in 1898, debuteerde als romanschrijver pas laat: in 1934 publiceerde hij de roman Terug tot Ina Damman. Zijn roem nam snel toe en na de oorlog werd hij de belangrijkste schrijver van de Nederlandse literatuur van dat moment. Na zijn dood in 1971 verbleekte zijn ster snel, misschien omdat de “grote drie”, Hermans, Reve en Mulisch kwalitatief met hem concurreerden. Thans staan de boeken van Vestdijk in de kelders van bibliotheken. Dat is niet terecht, vindt Neerlandicus Flip Hammann en hij hoopt dat in een voordracht duidelijk te maken. Hij zal leven en werk van Vestdijk bespreken aan de hand van citaten en afbeeldingen. Na de pauze draagt acteur Hans Dagelet uit het werk van Vestdijk voor.

Locatie: Het Oude Slot, Heemstede
Voor meer info zie: www.podiumoudeslot.nl

Terug omhoog

Vestdijk schreef (g)een biografie!?

Dit jaar is het levensverhaal, zeg maar de biografie het thema van de boekenweek. Vestdijk schreef tal van historische romans en novellen, waarin historische personages tot hoofdpersoon van de roman of het verhaal genomen werden. El Greco, Pilatus, Voltaire en Lodewijk XV zijn hier voorbeelden van, maar aan een biografie, noch aan een vie romancié heeft Vestdijk zich niet gewaagd. Hoewel men Het vijfde zegel  

Het is misschien erg gewaagd te stellen dat Vestdijk toch op enigerlei vorm zich aan het biografische levensverhaal heeft ‘bezondigd’. Gaat men hierin mee, dan is waarschijnlijk te concluderen dat Vestdijk de kortste ‘biografie’ geschreven heeft die er is! Hiervoor leze men het gedicht Acrostichon dat is opgenomen in Rembrandt en de Engelen; twaalf gedichten en een acrostichon (1956). Hierin vat Vestdijk het leven van Rembrandt op een cryptische wijze samen…

  WvW, 12 maart 2011

Terug omhoog

Ontroostbaar trouw

Marjoleine de Vos schrijft in haar column (NRC, 18 februari 2011) over trouw zijn aan verdriet. Over verdriet heenkomen kan aanvoelen als ontrouw. In dit verband herinnert zij haar lezers aan Brakman en aan Vestdijk. Brakman schreef ooit in Het zwart uit de mond van Madame Bovary over de man die op enig moment werd ‘gestempeld tot de man, die ik altijd zou blijven, iemand met een niet te stillen verlangen, iemand die een verlies met grote trouw in zich omdraagt en er niet om getroost wil zijn.’
Deze zin toont gelijkenis met wat Vestdijk uitdrukt in zijn beroemde slotzin van Terug tot Ina Damman waarin Anton Wachter ‘onwankelbaar trouw blijven zou aan iets dat hij verloren had,- aan iets dat hij nooit had bezeten.’ Volgens De Vos zijn trouw en ontroostbaarheid hier vrijwel hetzelfde geworden.

WvW, 21 februari 2011

Terug omhoog

De Vuuraanbidders duikt op in debat over de vrije wil

Marc van Dijk doet verslag van een debatavond op de Leidse Universiteit over de vrije wil. In de stad en aan de universiteit waar de godsdiensttwist tussen Gomarus en Arminius tot een climax uitgroeide herinnert Wilbert van Walstijn aan de historische wortels van de actuele discussie over de vrije wil. Lees De Vuuraanbidders van Vestdijk er maar op na, waarin ‘Ik bén mijn brein niet’ (Trouw, 15 februari 2011), gethematiseerd werd tot: ik ben wel/niet voorbeschikt.

WvW, 21 februari 2011

Terug omhoog

Pagina 72 van 77««...102030...71727374...»»

Kalender: Actueel

augustus 2018
M D W D V Z Z
« jul    
 12345
6789101112
13141516171819
20212223242526
2728293031  

Categorieën