Hermans en Vestdijk

In de fraai uitgegeven en voorbeeldig geannoteerde uitgave van de Volledige werken van Willem Frederik Hermans verscheen deel 20, het eerste van waarschijnlijk vier delen ´ongebundeld werk´. Dit deel heeft betrekking op de jaren 1934-1952 en telt maar liefst 1000 pagina’s, zij het dat 300 daarvan zijn ingericht voor commentaar, ontstaansgeschiedenis, noten, bibliografie en register. In dat register prijkt de naam van Vestdijk vaak, zij het dat het meestal verwijzingen zijn naar terloopse opmerkingen van Hermans in allerlei periodieken. Zo’n terloopse opmerking is bijvoorbeeld Hermans’ oordeel over De Poolse ruiter, dat hij ‘voortreffelijk’ vindt.
Al meteen na het einde van de oorlog heeft Hermans grote belangstelling voor Sartre en Camus. Hij is dan in Brussel en bevindt zich dichter bij de Franse letteren, maar hij was ook bij het Eerste Symposion over het existentialisme van de Sociëteit voor Cultureele Samenwerking dat op 28 en 29 september 1946 in Scheveningen werd gehouden. Hij noemt Vestdijk, die al in 1939 La naussée van Sartre had besproken.
Twee grotere stukken over Vestdijk kunnen we nu lezen. Het betreft een recensie over De vuuraanbidders en Puriteinen en piraten en een stuk over historische romans. Hermans’ oordeel is dubbelzinnig. Hij vindt beide romans heel spannend en goed geschreven, maar dat kan hij slechts met moeite toegeven, omdat hij het genre van de historische roman eigenlijk geen literair genre vindt. Is het geen ‘amusementsliteratuur’, vraagt hij zich af. De kop boven zijn recensie spreekt boekdelen: Simon Vestdijk bij de haard.

FH, 23 september 2020

Kalender: Actueel

oktober 2020
M D W D V Z Z
« sep    
 1234
567891011
12131415161718
19202122232425
262728293031  

Categorieën