Pleidooi voor ironie in literatuur

Vrijdag 29 november oreerde ter gelegenheid van de aanvaarding van haar hoogleraarschap aan de OU te Maastricht Brigitte Adraensen over Het recht op twijfel. In haar rede spreekt zij behalve over geweld ook over de positie van ironie in de literatuur in deze eeuw. Die is sinds 9/11, de dag met de vreselijke vernietiging van de Twin Towers, in ongenade gevallen. Amerikaanse schrijvers gaven te kennen ‘ironie-moe’ te zijn. Met ironie ergens over spreken wordt gezien als ‘een wegvluchten in de ambiguïteit van de eigen gespleten tong.’ Het is tijd om kleur te bekennen. Dit debat bereikte ook Nederland, o.a. via Joost de Vries. Recent sprak Pfeiffer over ‘Ondraaglijke lichtheid’, een pamflet tegen de ironie. Kennelijk staat ironie tegenwoordig tegenover de ernst.

Adriaensen ziet hierin een probleem. Het gaat er aan voorbij dat ironie altijd verbonden is met het recht op twijfel. Ironie is wel degelijk een kritisch instrument om de waarheid te bevragen en een vorm van betrokkenheid. Ironie kan een manier zijn van verzet en daardoor ook verbondenheid teweegbrengen.

WvW, 6 december 2019

Terug omhoog

Leesverslaving tegenover een schrijfverslaving

Maarten ’t Hart is 75 jaar geworden. In het winternummer van HP-De Tijd interviewt Nick Muller de schrijver, meer nog de lezer.   Het artikel opent met een ontboezeming: ‘Ik heb mijn hele leven verlezen. ‘ Dat kostte Maarten veel tijd, zodat theaterbezoek er bij inschoot. Al zestig jaar houdt hij bij wat hij gelezen heeft, hij zit nu op nummer 13.247, maar zijn boekhouding loopt achter. Er komt dit jaar nog heel wat bij. Van de huidige Nederlandse schrijvers vindt hij Peter Buwalda heel goed. Leonard Pfeiffer kan ook geweldig schrijven maar hij maakte het te bont met Grand Hotel Europa. Het winnende boek van de Libris Literatuur Prijs van dit jaar Een goede zoon vond hij ‘echt saai.’

Multatuli, Couperus en Vestdijk vindt Maarten nog altijd de drie grootste schrijvers van de Nederlandse literatuur. Vestdijk herleest hij nog regelmatig ‘om weer even feeling te krijgen met die mooie lange zinnen.’ ‘Kijk’, legt Maarten uit: ‘Ik heb een leesverslaving, Vestdijk had een schrijfverslaving.’ Niet alle romans zijn de moeite waard en hadden geschreven moeten worden. Maar het meest overschatte boek ter wereld is toch wel Ulysses van Joyce.

WvW, 3 december 2019

Terug omhoog

Afscheid van een titelwoord

In 1948 verscheen Vestdijks roman Pastorale 1943; dit jaar de roman Pastorale van Stephan Enter. Recensenten schrijven lovend over deze roman, ook Arjan Peters in ‘De finale pastorale’ (de Volkskrant,9-11).  Hij zal aarzelend aan het boek begonnen zijn, want hij vreest ‘de zoveelste roman over het benauwde leven in de gereformeerde provincie.’ Een oer-Hollands thema dat decennia lang geliefd was bij veel schrijvers. Denk aan Wolkers, ’t Hart, Siebelink, Treur, Van Essen en Marieke Lucas Rijneveld; allen schreven over hun geloofsafval. Peters vindt het ‘een wandelend cliché’. Gelukkig gaat dat niet op voor de roman van Enter: het is niet ‘de zoveelste roman over het benauwde leven in de gereformeerde provincie.’

Peters ziet de titel van Enters roman als ‘verraderlijk’: ‘Het gaat hier helemaal niet om de beschutting van het rimpelloze Hollandse leventje in de gereformeerde provincie. Pastorale markeert, evenals Pastorale 1943 van Simon Vestdijk, het afscheid van het titelwoord.’

WvW, 10 november 2019

Terug omhoog

Avontuur met Titia

I

In de vorige Vestdijkkroniek is aandacht besteed aan Avontuur met Titia, de brievenroman die Vestdijk samen met Jet van Eyk schreef. Het toeval wil dat Jet Steinz bij dezelfde roman uitkwam voor haar onlangs verschenen bloemlezing P.S. Van liefdespost tot hatemail: De 150 opmerkelijkste Nederlandse brieven. Eén van de uitverkoren brieven is de zevende brief, die Maarten Smallandt (Vestdijk) schreef aan Titia Breulese (Jet van Eyk). De brief gaat vergezeld van een foto van Vestdijks manuscript waaruit is op te maken dat deze nogal verschilt van de uiteindelijke versie.

WvW, 8 november 2019

Terug omhoog

Schrijvershuizen

Haarlem moet je zien is een boekje op ansichtkaart formaat. Sak van den Boom tekende 103 schrijvershuizen in Haarlem. Iedere pentekening wordt voorzien van een korte beschrijving van het pand en een karakteristiek van desbetreffende schrijver, die hij ook nog eens in een fijn tekeningetje heeft geportretteerd. Grootvader schreef boeken over gymnastiekonderwijs. Schagchelstraat 31, het pand waar grootvader Vestdijk sportschool had, is mooi afgebeeld, Vestdijk zelf kijkt je glimlachend aan.

FH, 31 oktober 2019

Terug omhoog

Kalender: Actueel

december 2019
M D W D V Z Z
« nov    
 1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
3031  

Categorieën